Waterplanten verzamelen als mest voor de drijvende tuinen
Lokale verkoopster op de markt van Nan Pan
Het 22 kilometer lange Inle meer ligt op 900 meter hoogte en is het op één na grootste meer van Myanmar. Rondom het meer liggen verschillende bezienswaardigheden.
De drijvende tuinen van het Inle meer
Paalwoning op het Inle meer
Op het Inle meer zelf vind je complete dorpen met paalwoningen en de drijvende tuinen waar Inle meer bekend om staat. Ook staat het meer bekend om zijn ambachten als het maken van lotus zijde, cigaren en zilverwerk. Verder vind je er meerdere grote markten en enkele tempels en pagodes die druk bezocht worden.
Kakku
Kakku is het meest heilige complex van de lokale etnische minderheid Pao. Er staan meer dan 2000 stoepa’s vlak naast elkaar op een vierkante kilometer. De eerste zijn gebouwd vanaf de 3de eeuw, maar vanaf de 12de eeuw zijn de meeste toegevoegd tot zo’n 200 jaar geleden. De belangrijkste stoepa is ongeveer 40 meter hoog. Een aantal stoepa’s hebben nog hun ‘kroon’ met belletjes op de top die spelen in de wind. Veel stoepa’s zijn gerestaureerd (helaas niet allemaal even mooi (geen originele stenen en materiaal) zoals wij dat vinden). Er zijn echter nog genoeg die prachtige reliëfs en stucwerk hebben.
Stucwerk van Kakku
Vrouw van de Kayan Lahwi stam
Indein ligt aan de andere kant van het meer en is bereikbaar via één van de rivieren die op het Inle meer uitkomen heeft ook honderden stoepa’s in alle maten en vormen.
Één van de zijrivieren
Indein
Vergane glorie in Nyaung Oak
Ook bij het aangrenzende Nyaung Oak zie je prachtige deels vervallen, deels overwoekerde pagodas. Het is er een stuk rustiger dan bij Indein en het is heel leuk om hier rond te zwerven en mooie dingen te ontdekken.
In dit vluchtelingen dorp zijn de mensen echt arm. Ze bezitten geen grond en leven van de rijstresten die achter blijven als de rijstoogst heeft plaats gevonden.
Dat is niet voldoende om van te leven en dus hopen ze dat ze ingehuurd worden als seizoensarbeiders.
Na dit dorp gaat het via rijstterrassen gestaag omhoog.
We passeren een spirit forest waar de Lahu niets kappen om de geesten gunstig te stemmen.
Het is ruim drie uur lopen naar het eerste dorp. Het ligt op de top van een heuvel.
Appeltjes verkopen in naburige dorpen…
Dit is het grootste dorp met circa 25 gezinnen. De Lahu Shi zijn animistisch. Ze verbouwen hun eigen rijst en hebben de nodige kippen, varkens, honden en koeien rond lopen.
Na circa 2 uur komen we twee mensen met manden op hun rug, hangend aan een houten schouderjuk, tegen. Een opa met zijn kleindochter die de kleine appeltjes die ze dragen, gaan verkopen in naburige dorpen.
Net voordat we het dorp bereiken worden we ingehaald door twee jonge meisjes met dezelfde manden, nu vol met sprokkelhout tegen. Bij hen is geen spoortje zweet of vermoeidheid te bespeuren, terwijl mijn bril mistig aan slaat door de inspanning.
Maar even verderop gaan ze toch in de bocht er even bij zitten.
En dat iedere dag weer… met kapmessen alle zijtakken eraf…
Als we eindelijk het dorp in lopen worden we opgewacht door een schare nieuwsgierige kinderen.
We worden uitgenodigd in een huis voor een kopje thee. Nog geen 10 minuten later zit zo ongeveer het hele dorp binnen. Is het nieuwsgierigheid of de hoop op meegebrachte kadootjes?
Aankomst in het Lahu Shi dorp.
Het hele dorp komt kijken.
De meegebrachte leesbrillen en pennen vinden gretig aftrek. Één bril gaat naar de sympathiek ogende chief van het dorp.
Hij oogt jong maar is de zeventig toch ruim gepasseerd.
De volwassen Lahu Shi dragen uitsluitend hun traditionele blauw en witte kleding.
Lahu meisjes trouwen wat eerder dan Lahu An en Akha meisjes. Ze worden volwassen geacht zodra ze de grote rieten schaal waarmee je het kaf van de rijst scheidt kunnen hanteren.
De Chief
Bij de Lahu Shi is het de schoonzoon die bij de schoonouders intrekt en vervolgens tien jaar voor hen werkt. Pas daarna mag het stel zelf een woning betrekken en zelfstandig leven.
We bekijken het dorp. Ik ben blij dat het nu het droge seizoen is. Ik glij nu soms al uit op de steile paadjes.
De mensen zijn hier wat terughoudend… Is het verlegenheid?
Maar het komt ook maar een paar keer per jaar voor dat ze bezoek krijgen. Alleen in de droge maanden.
Het tweede dorp dat we na nog een half uur bereiken is kleiner maar bezit een school die hier opgezet is door een monnik. Hij financiert ook de aangenomen onderwijzeres. De regering draagt niets bij.
De privé gestichte school.
Kinderen krijgen hier alleen wat basiseducatie, taal, rekenen en schrijven.
Daar blijft het bij. Vervolgonderwijs zit er niet in.
Het is al aan het schemeren als we weer bij ons startpunt aankomen.
Wederom geen toerist gezien. Het was weer een mooie dag. Een dag waarop je je maar weer eens te meer realiseert hoe bevoorrecht wij zijn. Respect voor deze levenswijze waar mensen er toch voor kiezen om hun traditionele waarden en gebruiken in stand te houden terwijl ze wel smartphones hebben waarop ze onze westerse leefwijze wel kunnen volgen.
De Akha zijn de op één na grootste etnische groep in de Kengtung omgeving.
Zo’n 10% van de regio populatie is Akha. De grootste groep zijn de Shan met 80%.
Vandaag gaat onze trekking naar de vier Hokyin dorpen. Het startpunt van deze bijna 11 km lange tocht ligt aan de weg naar Tachileik (de Thaise grens).
Hokyin bestaat dus uit vier verschillende dorpen weliswaar alle vier van de Akha maar wel ieder met hun eigen religie en gebruiken.
Slee op wieltjes
Hokyin dorp #4
Hokyin dorp 1 is christelijk, Hokyin dorp 2 is animistisch, dorp 3 is weer christelijk en dorp 4 is in drie delen gescheiden. Die zijn ook duidelijk te zien. Wij komen bergopwaarts wandelend ook uit bij dorp 4. We komen aan op een open plateau met een boeddhistische pagode.
Het is zondag dus de kinderen hoefden niet naar school. Al meteen aan het begin stuiten we op een groepje jongens die de grootste lol hadden met hun versie van een slee, op twee wieltjes wel te verstaan. Ze sjeesden ermee van de heuvel af over de keiharde grillige ondergrond en kwamen beneden aan bij een soort schans. De ene draaide net ervoor af een erf op, anderen namen de sprong de diepte in om vervolgens breed lachend weer met hun slee de berg op te lopen.
En natuurlijk kun je het alleen doen maar ook in een treintje, hihi.
Na een klein open stuk begon het animistische deel om vervolgens over te gaan in het protestante deel van het dorp.
Hier kun je iemand nog blij maken met shampoo en zeep
Zelfgemaakte waterpijp
Hier geen met souvenirs zeulende vrouwen en meisjes. Gewoon dagelijks leven. Meisjes die manden op hun rug droegen om sprokkelhout te gaan halen, mannen die hun planten water geven en vrouwen die bezig waren met het verstellen van kleding en het borduren van stoffen.
Ondanks hun verschil in geloof waren er nog steeds in alle vier de dorpen sterke elementen van animisme te zien zoals een honingraat die boven een deur is vastgespijkerd als bescherming tegen kwade geesten en ongeluk.
Leesbrillen zijn hard nodig
Natuurlijk hadden we weer een portie leesbrillen mee genomen. Die kwamen hier goed van pas. Veel van de oudere dames hebben moeite met het vinden van het oog van de naald. En ook het borduurwerk werd een stuk makkelijker met de juiste leesbril.
We hebben weer een paar vrouwen gelukkig gemaakt met nieuwe naalden en brillen en hier en daar wat paracetamol.
En het ging eerlijk, als de bril niet hielp dan hielden ze hem ook niet.
Veel bekijks tijdens de lunch
In Hokyin 3, een christelijk dorp hebben we op de veranda van een huis onze meegebrachte lunch genuttigd. Dat zorgde voor grote hilariteit bij de plaatselijke jeugd. Grote nieuwsgierigheid, verlegen gelach en ondeugende kiekeboe spelletjes. Lachen. En terughoudendheid en verlegenheid als ze allemaal een biscuitje mochten komen halen.
Vertederend ook om te zien dat jonge kinderen soms lopen te sjouwen met kinderen die nauwelijks kleiner zijn dan zijzelf en dan de overduidelijke dikke vriendinnen…
Grote ronde hanger gemaakt van 5 platgeslagen munten
In het animistische Hokyin 2 waren de mensen duidelijk wat minder verzorgd, de kleren wat ouder en viezer maar de hartelijkheid had er niet onder te lijden.
Kon Remy even oefenen met de plaatselijke jeugd hoe je king ball speelt met een soort rotan gevlochten bal. Vrees dat hij daar niet lenig genoeg voor is…
In het laatste dorp, ook christelijk, deelden we de laatste brillen, ballonnen en pennen uit. Helaas te weinig pennen voor zoveel kinderen, maar ook weer fair kregen alleen de kinderen die ook daadwerkelijk naar de plaatselijke school gingen een pen.
Hier zagen we ook weer jonge meiden borduren en oudere knullen king ball spelen.
De prachtige hoofddeksel van deze Akha in Hokyin waren weer anders dan die van gisteren. Gisteren hadden de hoofddeksels een soort vierkante hoog uitstekende plaat in de hoofdkap verwerkt. Niet bij iedere vrouw, het was daar ook een symbool om aan te geven dat de vrouw getrouwd is. Bij deze Akha hebben ze deze tradititie niet en dragen alle dames een rond hoofddeksel zonder die plaat erin.
Rok tot op de knie met beenwarmers
Op de thee bij Hokyin dorp #2
Het was weer een mooie dag. De klim naar de dorpen toe was pittig, maar daarna ging het hoofdzakelijk bergafwaarts. En het landschap met wat theeplantages en rijstvelden was zeker mooi. En berglucht maakt zeker slaperig, hihi.
Ethnische minderheden in de gouden driehoek van Myanmar
Vandaag hadden we een geweldig mooie trektocht waarbij we een aantal afgelegen dorpen uitgebreid bezocht hebben.
Het destilleren
Jong geleerd, oud gedaan
We begonnen met een bezoek aan een Shan dorp dat verantwoordelijk is voor de grootste productie van sake.
In dit dorp wonen zo;n 150 families waarvan zeker 80 families fulltime bezig zijn met de productie van sake.
Deze wordt gemaakt van rijst. De rijst wordt met toevoeging van de vliesjes en gist in grote 30 kg zakken weg gezet om te fermenteren gedurende drie weken. Daarna wordt het gewonnen vocht gezeefd en met behulp van stoomketels tot de heldere meer dan 40 % alcohol bevattende saké gedestilleerd. Drie zakken gefermenteerd vocht levert 1 30 kg zak sake. De drank wordt grotendeels illegaal verhandeld aan Thailand en China.
Het gaat in zakken van 30 liter de grens over en wordt daar verder in fancy flessen doorverkocht.
Via een erg smal hobbelig weggetje bereiken we een Lahu dorp. Deze ethnische groepering komt oorspronkelijk uit China. Vroeger waren het voornamelijk jagers, maar hier werden ze erg rijk door de productie van opium. Inmiddels is de teelt van opium nagenoeg gestopt en leven ze nu vooral van de landbouw. Wij bezochten een vrouw die daarnaast dakschermen maakte van lang gras en bamboe. Zo’n dak gaat gemiddeld drie jaar mee en moet dan weer vervangen worden. De mensen zijn hier door de amerikanen bekeerd tot het christendom. Dat is ook te zien aan de prominent aanwezige grote kerk. Hieraan valt ook de vroegere opiumrijkdom af te lezen.
Akha
Akha met kind
Een paar kilometer verderop bezochten we een Akha dorp. Deze veel armere Akha hebben maar een kleine onbeduidende kerk.
De Akha vind ik de mooiste groep wat traditionele dracht betreft. Zij dragen prachtige hoofddeksels die met zilveren bollen en zilveren munten en veel kralenkettingen zijn versierd. Ze zijn zwaar en kostbaar. Ik ontdekte in één van de haarversieringen Franse zilveren munten uit 1923 en oude zilveren Indiase roepie’s van nog oudere datum..
Ook nu nog worden de nieuw te maken hoofddeksels versierd met dat soort oude munten die momenteel ruim 30 dollar per stuk kosten.
De Akha’s waren oorspronkelijk animistisch en deden ook aan voorouderverering. Het dorp dat wij nu bezochten is echter tot het protestante geloof bekeerd. Echter houden ze er toch wel oude traditionele gebruiken op na.
Onze gastvrouw
Wij bezochten één van de huizen. De 37 jarige bewoonster die ons heel lief voorzag van thee, aardappelen, banaan en pinda’s is getrouwd en heeft 11 kinderen zelf gebaard. Er was niemand om haar te helpen immers was zij verantwoordelijk voor het huishouden en werkt de rest van de familie op het veld. Ze was alleen toen ze haar kinderen baarde en heeft eigenhandig de navelstreng doorgeknipt. Vier van haar kinderen zijn bij de geboorte of kort daarna gestorven dus nu heeft ze er nog zeven.
Akha meisjes trouwen als ze ongeveer 16 jaar oud zijn. Ze gaan dan 2 jaar bij hun schoonmoeder inwonen. Een Akha huis heeft drie ruimtes. Een grote voor de mannen, een kleinere ruimte voor de vrouwen en een keuken.
Mannen en vrouwen leven strikt gescheiden, Vanuit de vrouwenruimte dienen de vrouwen het eten op in het grensgebied.
Ze slapen dus ook gescheiden. Pas na ca. twee jaar mogen ze een eigen huis betrekken als de vrouw een kind krijgt. Ondanks het gescheiden leven gebeuren er thuis toch nog wel eens “ongelukjes” op de kleine veranda die buiten aan de keuken grenst. De pas getrouwde vrouw doet namelijk het huishoudelijke werk en is dus vaak alleen als de rest van de familie het land bewerkt. Dat schept wel eens gelegenheid….
Over de plotselinge zwangerschap wordt niet moeilijk gedaan. En ook scheiden is geen probleem. Als de vrouw geen kinderen krijgt van de man, kan deze er een tweede vrouw bijnemen, of een derde… Maar is de man lui en onderhoudt hij het huis niet goed (immers het dak moet iedere drie jaar vernieuwd en ook andere onderdelen slijten gestaag) dan kan de vrouw de man verlaten en op zoek gaan naar een betere partner.
Er mag maar één getrouwd koppel wonen in een huis. Een broer moet dus twee jaar wachten en als hij trouwt moet hij in een aangrenzend hutje wonen en slapen. Wel mag hij in het hoofdhuis komen eten.
De Akha hebben maar kleine stukjes land en van de opbrengst kunnen ze niet altijd leven, daarom maken ze erg veel handwerk om te verkopen.
En dus werden we overvallen door vrouwen die ons hun kleurrijke handwerk wilden verkopen. En dat tegen heel schappelijke prijzen. Zo schrijnend om te zien. Dus heb ik me toch maar over laten halen om bij onze gastvrouw een kleurrijk tasje te kopen. Maar vervolgens komen verderop nog tientallen verkoopsters….
Ann vrouw
Ann dorp
Vanaf het Akha dorp ziin we naar een hoog op een berg gelegen Ann dorp gelopen. Omdat ze er een eigen geesteswereld op nahouden, het zijn animisten, sluiten ze niet onmiddellijk aan bij andere bergvolkeren. Hun serene, zwarte kledij wordt fijnzinnig opgesmukt met eenvoudige juwelen. De metaalkleurige armbanden zijn gemaakt van oude, niet bruikbare potten en pannen. Ieder dorp heeft twee sjamanen/medicijnvrouwen. Wij gingen even bij haar op bezoek.
Ze had net wat gekookt: rijst met wat rattenvlees.
Dit dorp was volgens onze gids niet arm, tenslotte hadden ze genoeg rijst voor een heel jaar en zelfs een overdadige oogst van o.a. pompoenen en mais. Van het overschot werd veevoer gemaakt. Mijn indruk of uitleg van de term arm ziet er toch wat anders uit.
De huizen van de Ann hebben maar een grote centrale ruimte waarin aan een kant gekookt en aan de andere kant geslapen wordt.
Navraag bij onze gids leert dat zowel de Akha als de Ann muizen en ratten eten en ook hond soms op het menu staat. Want de varkens die ze hebben kunnen voor veel geld verkocht worden. De honden niet.
Ann vrouw bereid voedsel voor haar varkens
Tja een interessante dag, weer veel gezien en geleerd!
Het Tazaungdaing Festival, oftewel het licht festival, wordt in de achtste maand van de Burmese kalender tijdens volle maan gevierd in heel Myanmar. Dit festival is na het water festival het grootste feest in Myanmar. De festiviteiten beginnen al vaak een week van te voren en groeien aan tot een climax op de dag van de volle maan. Het feest markeert het einde van het regenseizoen en er worden dan ook veel offers aan Boeddha gebracht en de monniken wordt dan ook vaak nieuwe kleren aangeboden.
In elke dorp of stad is er wel iets te doen, maar het beroemdste festival is toch wel in Taunggyi, het Hot Air Balloon Festival. Taunggyi is de hoofdstad van de Shan provincie met rond 380.000 inwoners en ligt op een hoogte van 1399 meter. Tijdens de week van het Hot Air Balloon Festival wordt dit aantal waarschijnlijk elke dag verdubbeld. Vanuit heel Myanmar komen de mensen naar het festival en de rijken hebben speciaal voor dit festival huizen tegen de bergen gebouwd om voor die ene week in het jaar vanaf daar het spektakel te bekijken. Voor ons was dit één van de redenen om naar Myanmar te gaan en we hebben ook onze hele vakantie programma om dit festival heen gepland.
Het daadwerkelijk terrein waar de “Hot Air Balloons” worden losgelaten is ten zuiden van de stad, een rechthoekig terrein waar naar schatting 30 tot 40 duizend man op kunnen staan. Er om heen zijn enkele tribunes gebouwd voor de jury en de VIPS en ook plaatsen gereserveerd voor de – en dat is niet zonder reden – brandweer en de ambulance. Om dit terrein heen staan in de wijde omgeving alle straten vol met stands waar je kunt eten, allerhande spullen kunt kopen of waar je een gokje kan wagen. Er staat ook een reuzenrad en enkele andere kermisattracties.
Als we in het begin van de middag in de stad aankomen is het al een drukte van belang en staan we meteen vast in een file. Na de nodige vertraging (maar we mogen niet klagen, want het is nog heel rustig op dat moment) komen we in de buurt van het festival terrein aan. We stappen uit de auto en lopen tussen de honderden standjes door naar het festival terrein. Omdat het “grote” feest pas vanaf 8 uur ‘s avonds begint is het terrein nog niet erg druk bezocht met mensen.
De ballon begint zijn vorm te krijgen
We zien dat de mensen zich verdringen om een zingende, dansende en muziekmakende groep mannen. Ze hebben er duidelijk veel zin in. Een aantal mannen dragen een baal van grijs opgevouwen met de hand gemaakt papier en beginnen deze uit te vouwen. Een drietal mannen houden houten fakkels vast en bekijken de situatie. Weer iemand anders schreeuwt commando’s en geeft aanwijzingen. Het bandje blijft spelen en andere teamleden proberen de vele toeschouwers een beetje uit de weg te houden, hetgeen niet altijd even goed lukt, want iedereen probeert driftig met zijn mobieltje alles op te nemen. Het moment is daar, de fakkels worden aangestoken en voorzichtig naar het gat onderin het papier gebracht. Het gevaarte begint zich te vullen met warme lucht. Echter worden meteen de eerste gaten ontdekt en worden deze snel met wat tape dichtgeplakt. Met man en macht probeert men te voorkomen dat het gevaarte op zijn kant gaat liggen. De contouren van het gevaarte worden zichtbaar: het is een ballon in de vorm van een varken! De ballon dreigt opnieuw om te vallen maar kan net op tijd met een grote stok worden tegengehouden. De ballon vult zich verder en nu worden alle drie de fakkels onder het gat gehouden. De ballon is nu stabiel en wordt door de mannen vastgehouden. Aan het gat wordt nu een constructie vastgemaakt waaraan de drie fakkels met ijzerdraad worden bevestigd om zo de ballon continue te kunnen voorzien van warme lucht.
Onder luid gejuich vliegt het varken
Eindelijk! De ballon wordt losgelaten en onder luid gejuich van het publiek gaat het varken de hoogte in. Het team van het varken danst en zingt van plezier. Het varken klimt 10 meter hoog alvorens de wind het dier meeneemt. Veel hoger komt het varken niet, waarschijnlijk geven de drie fakkels niet genoeg lift aan de ballon. Bij het einde van het terrein gaat het dan ook mis. Het varken komt in de electriciteitskabels te hangen. We zien dat het papier deels vlam vat. Het varken glijdt omlaag en komt boven op een stand van een verkoper terecht en met een grote steekvlam staat meteen het hele varken in brand, en een deel van de stand van de verkoper. Gelukkig is de brandweer meteen ter plaatse en in geen tijd wordt de brand geblust. Niemand schijnt zich druk te maken wat er net gebeurd is en het team danst en zingt vrolijk verder. Tja, dit is Myanmar…
De groep stapt in meerdere busjes en auto’s en verlaat al zingend en feestend het terrein om verderop door te feesten. Een volgende groep begint muziek te maken en te dansen, de toeschouwers stromen weer toe. Ditmaal bestaat de papieren constructie uit een kip. Deze komt weliswaar wat hoger in de lucht, maar is ook geen lang leven beschoren en komt al deels brandend neer op het festival terrein…
Het gaat niet altijd goed
De kip is helaas geen lang leven gegund…
Een volgende groep begint. Een van de mannen spreekt ons aan en legt uit dat hun ballon gemaakt is door een groep gehandicapten en dat het een week gekost had om te maken en de kosten voor het maken zo’n 40 USD waren. Ze hebben er duidelijk plezier in en ook zij proberen hun ballon met fakkels in de lucht te krijgen. Echter is er al meteen een groot gat te zien in de ballon, een teamlid probeert het snel nog te dichten. Te laat, de ballon zakt deels in en het papier vat vlam. Meteen gaat de rest van de ballon ook branden. Alweer is de brandweer supersnel ter plaatse en wordt de brand snel geblust. We hebben echt medelijden met de groep gehandicapten dat hun ballon nog niet eens de lucht is ingegaan. Maar de meeste van hun blijven gewoon vrolijk en blijven lachen en zingen en muziek maken. Het is tenslotte feest!
Ze blijven plezier houden!
Een vierde ballon gaat omhoog, echter is deze ook geen lang leven beschoren. We verlaten met tegenzin het festival terrein, want we hebben nog een bezoek aan Kakku te brengen (ook mooi, hierover later een bericht). Als we terugkomen is het inmiddels al donker geworden, maar er is nu een korte pauze van de ballon festiviteiten en dat geeft ons de mogelijkheid om de Sulamani pagode te bezoeken. Deze pagode is een kleinere kopie van de Ananda tempel in Bagan. Om er te komen moeten we ons door de mensen massa’s wurmen. Alle straten zijn volgepakt met feestgangers en er is bijna geen doorkomen meer aan. Als we in de buurt van de tempel komen is het gelukkig wat rustiger. Er is een weefwedstrijd aan de gang. Teams weven in twee dagen, zonder onderbreking, nieuwe gewaden voor de Boeddha’s, die op de laatste dag van het feest worden aangeboden aan de monniken van de pagoda.
Een groep Pao uit een wijk van Taunggyi
Weer een andere wijk van Taunggyi
Naast deze weefwedstrijd is de Sulamani pagoda ook het eindpunt van de Kathine processie. We hadden begrepen dat het om een processie met lichtjes ging, maar wat we zagen ging alle verwachtingen te buiten. Vanuit de hele regio komen de Pao, de lokale etnische groepering, in de stad samen en gaan gezamelijk lopen met lampions in deze processie. En niet een paar honderd mensen, duizenden mensen komen aan ons voorbij gelopen in hun prachtige kleren!!! Elke wijk of dorp heeft andere lampions en andere kleding. Echt indrukwekkend om te zien!
En de groepen blijven maar komen…
Nadat we alle groepen hebben zien voorbij komen spoeden we ons terug naar het festival terrein, want het is rond acht uur en het échte werk gaat beginnen! En dat is te merken, chaos overal, een gekkenbende. We proberen in de buurt van het festival terrein te komen, maar de politie heeft de boel al afgezet en niemand mag er meer door. Dan maar via de andere kant proberen. Daar lukt het gelukkig wel om op het festival terrein te krijgen. We blijven er niet te lang en zoeken een plekje wat verder op waar we een goed overzicht hebben. En dat is ook niet onverstandig. In de afgelopen jaren zijn er al meerdere doden gevallen tijdens het festival en op de eerste festival dag van dit jaar waren er al 9 gewonden.
Hoe komt het dat het zo gevaarlijk is? Daarvoor is een simpele reden, de combinatie brandende fakkels, waxine lichtjes, grote ballonnen van papier en tientallen kilo’s vuurwerk is niet de meest veilige…
Ballon met waxine lichtjes
In de avond gaan namelijk twee soorten ballonnen de lucht in. Aan beide soorten wordt vaak maanden gewerkt en ze kosten ook behoorlijk veel geld en worden daardoor tegenwoordig vaak door grote bedrijven gesponsord. De eerste soort ballon is een van papier gemaakte ballon, waar men tijdens het vullen van de ballon (met de brandende fakkels) tegelijkertijd bezig is om honderden waxine lichtjes aan de buitenkant van de ballon te hangen. Als de ballon dan helemaal gevuld is wordt er ook nog een staart vol met waxine lichtjes onder aan de ballon gehangen. Als deze dan het luchtruim kiest vormen de waxine lichtjes dan (vaak Boeddha) figuren.
De tweede soort is de meest gevaarlijke. Een grote ballon wordt eerst met de fakkels gevuld en als hij genoeg draagkracht heeft komt een ander deel van het team met een grote manshoge rechthoekige box waar tot 65 kilo vuurwerk is in verwerkt. Deze wordt op het laatste moment aan de ballon bevestigd en dan wordt het vuurwerk aangestoken en losgelaten.
Het team is uitvoerig bezig geweest om de vuurwerk box zodanig te laten werken dat het vuurwerk pas begint als de ballon hoog genoeg is en dat alle vuurwerk op het goede moment afgaat. En dat alles handmatig. Geen computergestuurde ontstekingen, puur op de lengte van het lont wordt het juiste vuurwerk op het juiste moment ontstoken. Als alles goed gaat zie je dan een vuurwerkshow in de lucht die 10 tot 15 minuten duurt en zelfs 40 kilometer verder bij het Inle meer te zien is! Gaat het fout, dan kan bijvoorbeeld het vuurwerk veel te vroeg beginnen waardoor het publiek op het terrein bedolven wordt door de brandende resten van het ontplofte vuurwerk of nog erger, er gaat iets mis met de box waardoor een deel van de box naar beneden valt en op het publiek beneden terecht komt en dan compleet in één keer ontploft. Het gevolg is dan minimaal enkele gewonden en dus inderdaad ook wel eens doden. Als wij dit bekijken is het een wonder om te zien dat er relatief maar zo weinig doden zijn gevallen in al die jaren. De alertheid van de aanwezige brandweer speelt hier zeker een rol.
Ready for take off!
And we have lift off!
Ieder half uur gaat er een gevaarte omhoog.en we genieten van het spektakel. Het is echt ongelofelijk hoe lang het vuurwerk aanhoudt. Zelfs als de ballon nog maar een stipje is zien we nog vuurwerk afgaan! Wat een show!!!
We have ignition!
Het “Hot Air Balloon” festival moet je zelf meegemaakt hebben om te proeven hoe de sfeer daar is, zo fantastisch!!! Het is een totale chaos, een gekkenhuis en de mensen massa’s zal menigeen angst aanjagen. Zelfs voor iemand zoals ik, die al niet meer met bevrijdingsdag Eindhoven in gaat vanwege de drukte, was het iets wat ik niet had willen missen. Het heeft heel veel indruk op me gemaakt. Maar ik zeg er wel bij, ik wil niet elk jaar die chaos in gaan. De hoteleigenaar van ons hotel bij het Inle meer vertelde ons dat hij op de avond dat wij er waren het festival niet heeft kunnen bereiken en om 10 uur ‘s avonds rechtsomkeert heeft gemaakt met zijn auto en pas vijf uur later thuis was. Gelukkig hadden wij die avond een hotel vlakbij Taunggyi en hadden we geluk dat we snel weg konden komen…
Het verkeer is vaak een ongelooflijke chaos, maar toch komt het zonder boze blikken goed. Er is weliswaar een hoop getoeter, maar dat is om aan te geven dat je er aan komt of iemand gaat passeren. Als het verkeer 5 rijen dik naast elkaar staat is het toch niet zo moeilijk om van de ene naar de andere kant te komen.
Inhalen gebeurd zowel rechts als links en invoegen ook. Maar kennelijk geeft men elkaar toch de ruimte.
Zo ook op het busstation in Noord Yangon vanwaar wij nu twee maal een avond/nachtbus hebben genomen.
Wij werden met een taxi gebracht die dus laverend tussen klaar staande en vertrekkende bussen door ons toch voor de deur van de desbetreffende busmaatschappij weet af te zetten. Bussen die dan geblokkeerd worden door taxi’s en bevoorradingsvrachtwagentjes worden met een paar schreeuwende mannetjes toch op het juiste spoor geloodst. Je snapt niet hoe het kan maar het lukt allemaal.
Puppies worden gevoerd
Ook is er hier een overvloed aan honden en katten die ook juist in dit seizoen met jonge pups lopen. Al zie je wel een enkel dier dat vel over been is, ze worden niet weggeschopt of bekogelt met stenen zoals je dat in zoveel andere landen ziet gebeuren.
Overal staan wel bakjes met rijst waar de dieren dan van kunnen eten en ook de monniken die zelf moeten bedelen delen wel eens een flinke dosis mais of rijst uit.
De Ann en Akha eten weliswaar soms honden maar tot die tijd zien we ze ook daar een goed bestaan hebben.
Ze zijn net als de kippen, hanen, varkens, geiten en koeien onderdeel van de familie.
Tja en dan al die kinderen die lopen te zeulen met andere kinderen die nauwelijks kleiner zijn dan zijzelf, de spontane smakkerd die een jochie aan zijn zusje geeft, de jonge maar ook volwassen mannen die met de arm over elkaars schouder knus door de straten lopen of het duidelijke plezier dat de grootouders aan de kinderen beleven…
Verschillende religies leven hier vreedzaam naast elkaar en men heeft ook geen moeite met homoseksualiteit.
Een dikke smakkerd
Zeulen met je broertje
De rijkere Birmezen die toch ook wel omkijken naar hun armere soortgenoten… zit het in hun voornamelijk boeddhistische geloof? Of is het gewoon onderdeel van de Myanmarese mentaliteit?
Akha met kind
Echte vriendinnen
De bescheiden opstelling en hulpvaardigheid van de mensen naar ons buitenlanders toe… hier nog niet zoals in andere Aziatische landen het gevoel dat het alleen bedoeld is vanwege het geld dat je te besteden hebt. Nee oprechte belangstelling en behulpzaamheid. Fijn om te ervaren.
We genieten ervan.
Olifanten werden in Myanmar voornamelijk gebruikt in de teak industrie. Zij waren het middel om de loodzware boomstammen uit het dichtbegroeide woud te halen. Vanwege de verregaande ontbossing heeft de regering de kap grotendeels stop gezet. Hierdoor is er voor veel olifanten geen werk meer. Nu er geen werk meer voor ze is worden de olifanten aan hun lot overgelaten omdat ze te duur zijn in onderhoud. Veel olifanten vallen ten prooi aan stropers. Ten eerste vanwege de grote vraag vanuit Aziatische landen naar botten, slagtanden en slurven vanwege de daaraan toegedichte heilzame werking. Ten tweede vanwege hun vlees en ten derde vanwege het gebrek aan leefomgeving en de daaruit volgende conflicten met boeren worden ze vaak illegaal afgeschoten.
Uit liefde voor de olifanten hebben Tin Win Maw en haar man Htun Htun Wynn het Green Hill Valley Elephant Care Camp opgezet. Zij is opgegroeid in de hout industrie en was al als kind tussen de olifanten. Haar oom Ba Kyaw Than werkte er als dierenarts. Hij specialiseerde zich in zowel de behandeling van tamme als wilde olifanten.
Nu werkt hij als gepensioneerde vrijwilliger bij het project. Het project draait grotendeels op donaties en de pittige arrangement prijs voor bezoekers. Maar dat hebben we er graag voor over.
Meer dan 150 kilo voer per dag
Olifanten eten minimaal 150 kilo voedsel per dag en als bezoeker mag je ze de hele dag voeren. Momenteel verblijven er acht olifanten in de leeftijd van 10 jaar tot 67 jaar. De 10-jarige is een verweesde olifant. Maar er was ook een olifant met een schotwond in de linkerschouder en andere verwondingen. Een duidelijk slachtoffer van een boze boer. Er stonden gigantische tonnen voedsel voor ons klaar met daarin pompoen, stukken van de bananenplant, bamboe en ter plekke gemaakte natte granenbollen.
Het voeren had wel wat gebruiksaanwijzingen, de ene olifant was blind aan een oog en kon je dus beter via de kant van het goede oog benaderen, een andere olifant wilde de bananenboomstukken alleen via de mond gevoerd krijgen. Maar waar ze allen gelijk in waren was in hun voorkeur voor pompoen.
Als je met zijn tweeën staat te voeren en de één heeft pompoen en de andere bananenboom dan kun je het schudden met je bananenboom… Dan staan beiden olifanten te lonken naar de pompoen en proberen het van elkaar af te pakken. Heel grappig. En hoewel je ze één voor één aangeeft, zijn ze hebberig en stapelen de stukken gewoon in hun slurf op totdat ze er bijna uitvallen voordat ze ze in hun mond stopten.
Maar ook de granenbollen gaan er goed in. Ze voelden wel wat plakkerig en die wilden bijna alle olifanten het liefst in de mond gevoerd krijgen.
Voelt wel vreemd aan die dikke zachte tong die voorzichtig het voedsel aanpakt.
Lekker gaan badderen
Op een gegeven moment kregen we te horen dat we met de olifant mochten gaan badderen. Er waren meer groepjes mensen die ieder hun eigen baddermoment kregen.
De olifant wordt door de verzorger naar een kleine waterval in de rivier gebracht en vervolgens kan het badderen beginnen. Wij kregen een dot ruw bastmateriaal en konden daarmee de olifant schrobben. En die vond het overduidelijk heerlijk. Ging zelfs een beetje mijn kant uithangen…
Even gaan afkoelen
Na de sessie was het tijd voor een heerlijke lunch. En daarna mochten we naar een andere olifanten paviljoen waar we ook kennis konden maken met de jongste telg. Maar niet nadat we drie bejaarde vrouwen flink te eten hadden gegeven. De oudste 67 jarige matriarch schaamde zich er niet voor om haar 63 jarige buurvrouw regelmatig een fikse tik met haar slurf te verkopen om zo het meeste eten te vergaren. Er was duidelijk sprake van jaloezie hihi.
De derde, 49 jarige dame was aan haar rechteroog blind en stond wat ter zijde zodat ze voldoende overzicht had.
Behalve de zorg voor de olifanten worden er in dit kamp ook veel boomsoorten gekweekt. Iedere bezoeker wordt uitgenodigd om één van de regionale boomsoorten te planten. Dit niet alleen om het woud te herstellen maar ook ter educatie van de lokale gemeenschap om het belang van herbebossing te leren.
Na kennismaking met de gepensioneerde dierenarts Ba Kyaw Than die veel wist te vertellen over de verzorging en ons de logboeken liet zien die elke dag van iedere olifant worden bijgehouden kregen we ook nog een demonstratie papier maken van olifantenpoep. We kregen ook ieder een stuk papier mee dat deels gewalst en deels ruw en compleet reukloos was.
Overigens is Ba Kaw Than ook in Nederland geweest toen hij zes olifanten naar het Noorder dierenpark in Emmen bracht. Hij leerde de Nederlandse verzorgers de nodige commando’s en de juiste verzorging.
Zowel de olifant als wij genieten…
Met behulp van onze sponsorgelden is er ook een mobiele unit opgezet waarmee andere olifanten, ook die in het wild, de juiste zorg kunnen krijgen.
Kortom een geweldige leuke en leerzame dag. We hadden het niet willen missen. Wat ons betreft een once in a lifetime experience!
Tja, wat moet ik vertellen over Bagan. Voor de historici onder ons: Bagan was de Birmese hoofdstad van de 10de tot en met de 13de eeuw, de glorie tijd van het Birmese Rijk. Er stonden toen zo’n 13.000 stoepa’s en tempels op een gebied van 40 vierkante kilometer. Onder de dreiging van de Mongolen werden 6.000 tempels afgebroken om de muren te versterken, echter dat mocht niet baten. Tegenwoordig vind je nog zo’n 2.500 tempels en stoepa’s in verschillende maten van verval.
Scheuren met de e-bike
Met onze e-bike (elektrische brommer) gaan we op weg. Overal zie je kleinere en grotere stoepa’s en tempels, soms alleen, soms in groepjes.
Ananda tempel in “Old Bagan”
In het “Old Bagan” gedeelte vind je de grotere en bekendere tempels, zoals de Ananda en de Thatbyinnyu. Sommige staan nog in de steigers vanwege de aardbeving in 2016. Elke tempel verschilt van de andere, afhankelijk van de periode waarin ze zijn gebouwd zien ze er anders uit, hebben ze meer of minder muurschilderingen, de oudere tempels hebben bijvoorbeeld verfijnder stucwerk. Ook de stoepa’s veranderden van vorm door de tijd heen.
Dhammayangyi tempel
Om de “bekendere” tempels staan veel souvenir stalletjes waar je longgi’s, hoedjes, belletjes en frisdrank kunt kopen. Hier lopen ook de meeste toeristen rond omdat de bussen hier nog wel kunnen komen. Ga je echter van de gebaande paden af, dan is het meteen een stuk rustiger. Heerlijk!!!
Grote Boeddha met muurschildering in de Dhammayangyi tempel
Muurschildering in de Dhammayangyi tempel
Met zijn tweetjes zoeven we over de zandpaadjes van de ene tempel naar de andere. Soms is de binnenkant van de tempel helemaal leeg, andere keren vinden we prachtige muurschilderingen uit de 13de eeuw. We verbazen ons erover dat deze tempels, die soms nog niet eens op de kaart staan, niet beter beschermd worden. We zien namelijk bij de drukker bezochte tempels regelmatig dat er geflitst wordt zonder dat er echt tegen wordt opgetreden. Er zijn wel al tempels waar je helemaal niet meer mag fotograferen of filmen.
Winido tempel in “Minnanthu”
Muurschildering in Winido tempel
De tweede dag besteden we in het “Minnanthu” gedeelte. Hier komen veel minder bussen, waardoor we vaak het rijk voor ons alleen hadden. Zelf vonden we dit deel van Bagan het mooiste omdat het allemaal iets intiemer oogde. We bezoeken een groepje tempels, de eerste is open en binnen zien we prachtige muurschilderingen.
Als we naar buiten lopen komt ons een jonge Birmees met een geblondeerde kuif tegemoet (laatste Birmese mode). Hij blijkt de sleutels tot de andere tempels te hebben en leid ons rond. Deze zijn bijna nog mooier dan de eerste tempel en hij weet veel over de muurschilderingen te vertellen.
Hij neemt ons mee naar het nabijgelegen Minnanthu dorp en toont ons ook nog een mooi plekje bovenop een tempel waar je een prachtig uitzicht hebt over de tempels bij zonsopgang.
Het beklimmen van de tempels voor een mooie zonsondergang of zonsopgang was altijd voor velen het spectaculairste moment in Bagan. Echter sinds de aardbeving van 2016 mag geen van de “bekende” tempels meer beklommen worden. Hiervoor hebben ze nu dus een heuvel ingericht, echter het uitzicht is daar verre van ideaal.
Tientallen ballonnen gaan de lucht in tijdens zonsopgang
Dus zoeken de liefhebbers, wij dus, naar de betere plekjes waar je nog wel omhoog kunt. Dat is dus nog niet eens zo makkelijk. Gelukkig zijn die wel nog te vinden als je maar goed rondkijkt en wat tijd hebt. En die hebben we gelukkig! Na twee zonsondergangen waar de zon ons in de steek liet, maakt de derde zonsondergang alles goed met prachtige rode kleuringen in de lucht! We besluiten meteen om de volgende ochtend bij zonsopgang ons geluk te proberen op een andere plek die we gevonden hadden. Ook dat stelt ons niet teleur…
De zonsondergang was eindelijk prachtig
Bagan is iets unieks, zoals de Angkor Wat. Als je wilt kun je dagenlang dolen met je e-bike tussen de tempels. Nee, je hebt niet het gevoel dat je helemaal alleen bent, maar de sensatie om steeds weer iets nieuws in of op de tempels te ontdekken is wel geweldig!
Ik had er thuis al het een en ander over gelezen, sterker nog het was een van de belangrijkste redenen om niet met Sawadee naar Myanmar te gaan maar op eigen houtje: Monywa! De omgeving biedt zoveel top attracties……….
Nog ver voordat we Monywa bereiken zien we in de verte al de gigantische boeddha Laykyun Setkyar staan.
Het is de op één na grootste boeddha van de wereld.
Inclusief voetstuk meet hij 129 meter. Je kunt er ook in: er zijn 31 verdiepingen die refereren aan de 31 stadia in de levenscyclus van Boeddha.
Je kunt de verdiepingen alleen via de trap bereiken. De onderste verdiepingen beelden de onderwereld uit, de hel! Dat is duidelijk zichtbaar aan de muurschilderingen van brandende mensen… Maar hoe hoger we komen, hoe luchtiger en opgewekter de muurschilderingen worden, tenslotte kom je in het nirwana… Zover zijn we echter niet gekomen. Na de 26e verdieping hielden we het voor gezien toen bleek dat nog niet alle schilderingen af waren.
Hoewel de boeddha al in 2008 ingewijd werd is de bouw nog niet voltooid. Op de hoogste verdiepingen is men nog bezig en ook de lift werk nog niet. Desondanks zijn ze al wel bezig met een zittende versie waarvan de voltooiing gepland staat voor 2019 of 2020.
Thanbodday complex
Na de lunch nog een figuurlijk hoogtepunt. Dit is echt met stip de mooiste pagode die we tot nu toe gezien hebben: de Thanboddhay Pagoda.
Een enorm boeddhistisch complex dat van 1939 tot 1951 gebouwd werd op de plaats van een 14de eeuwse pagode. Van buiten indrukwekkend in glinsterend goud, van binnen een sprookjesachtig interieur met in totaal 582.347 beeltenissen van Boeddha. Er is geen stukje muur, nis of plafond onbedekt gebleven. Van klein, zo’n 6 cm hoog tot indrukwekkend grote zittende en staande boeddha beelden.
En vraag niet hoe het kan maar er worden nog steeds bijgeplaatst.
Thanboddhay complex
Phowintaung
Pho Win Hill, een grotten complex zo’n 25 km ten westen van Monywa.
Er zijn ongeveer 900 zandstenen grotten met talrijke Boeddha beelden en erg goed bewaard gebleven muurschilderingen in levendige kleuren die het Birmese leven laten zien. Maar natuurlijk ook de Jataka verhalen, ofwel 547 afbeeldingen waarin het leven van Boeddha wordt afgebeeld.
De Boeddha’s en schilderingen dateren uit de 14e tot 18e eeuw.
Het is niet te bevatten dat je hier zomaar rond mag lopen. Je betaalt weliswaar entree maar verder is er geen echte bewaking.
Bij sommige ingangen staan bordjes dat je je schoenen uit moet doen, uit respect voor Boeddha natuurlijk, maar ik zie nergens bordjes met gedragsregels.
Terwijl het zo belangrijk is dat juist hier geen flits gebruikt wordt. Je moet er niet aan denken hoeveel schade dat zou toebrengen aan die prachtige muurschilderingen.
Phowintaung
We zijn maar gewoon begonnen met grotten te bekijken en vielen van de ene in de andere verbazing. Soms voelden we ons net ontdekkingsreizigers. Er zijn geen uitlegborden of aanwijzingen waar iets ligt. Zo nu en dan maakte het onkruid het wat lastig om binnen te komen. In de grotten ligt er een dikke laag stof op de Boeddha beelden en je moet uitkijken dat je niet achteruit stapt en met je rug tegen een Boeddha of een muurschildering aan komt… Of zoals ik in de spinnenwebben…
Uit nieuwsgierigheid beklom ik een brokkelige trap heuvelopwaarts met in gedachten een stupa op de top en een mooi uitzicht.
Kom ik onderweg nog meer grottempels tegen die ik niet verwacht had en zag ik op de top onder me aan de andere kant van de heuvel er ineens nog veel meer… Daar komt volgens mij helemaal geen toerist. Zou niet eens weten hoe er te komen. Zag geen trap of pad om daar naar beneden te komen.
Ondertussen was Remy aan de andere kant van de weg bij een giga grote liggende boedhha die nauwelijks in zijn verblijfsruimte paste.
Maar het kon nog mooier… We liepen een grottempel binnen waarbij we van de ene in de volgende grotkamer terecht kwamen… en in de volgende… en we er aan de andere van deze rotspartij weer uit konden. En natuurlijk stonden ook deze grotkamers vol boeddha’s.
Phowintaung
ResusapenLieve dames…
Tja en als je dan als bonus ook nog hele hordes aapjes met ook veel kleintjes erbij. Resusapen.
Bonus twee: een lieve Birmese dame die vond dat ik er vooral even bij moest gaan zitten na de klim van deze hoge trap. Ik liep er natuurlijk weer bij met vuurrood bezweet hoofd. Met wat Birmese woorden en gebaren hadden we een gezellig contact en vond ze het ook prima om op de foto te gaan. Grote hilariteit toen ze de foto zag en ik met adjen laddeh aangaf hoe mooi ik haar vond met de geknoopte doek op haar hoofd.
En ja ze wilde ook wel met haar vriendin en daarna samen met mij op de foto.
Remy zat lekker beneden in de schaduw dus de camera maar aan de vriendin gegeven op de automatische stand. Nog meer hilariteit.
Shwe Ba Hill
De Shwe Ba Hill lag hier ook in de buurt. Ook hier weer grotten en tempels die uitgehouwen zijn in de heuvel, maar dan van veel latere datum. Deze zijn zo’n 100 jaar oud. Via trappen loop je daar naar beneden tussen hele steile kliffen. De aan weerszijden uitgehouwen tempels zijn heel kleurrijk aan de buitenkant. Een ingang was zelfs in de vorm van een reuze olifant. Zelfs nu nog laten rijke birmezen hier nieuwe grotten uithouwen.
Al met al zijn we hier totaal zo’n 3 en een half uur zoet geweest. Het is dat we nog een lange weg en een boottocht naar Bagan te gaan hadden…
De koningssteden: Sagaing, Mingun, Amarapura en Ava
Rondom Mandalay bevinden zich meedere koningssteden.
Sagaing, aan de andere kant van de Ayarwaddy rivier ten westen van Mandalay, was de eerste hoofdstad van de Shan staat, gesticht in 1287. In 1364 werd Inwa (toen nog Ava geheten) de nieuwe hoofdstad. In Sagaing leven meer monniken dan burgers. Het is een aaneenschakeling van kloosters op een heuvelachtig terrein.
U Min Thonze
U Min Thonze
De U Min Thonze tempel heeft een prachtige galerie met 45 Boeddha beelden. De grote Kaunghmudaw pagoda valt op door zijn bolle vorm. De oorspronkelijke kleur was wit maar tegenwoordig is hij, in opdracht van de militaire regering, in goudkleur. Onder druk van de bevolking zal hij echter volgend jaar weer zijn witte kleur terug krijgen.
Kaunghmudaw pagoda
Mingun pagoda
Ten noorden van Sagaing ligt Mingun, waar je van verre al de restanten kunt zien van wat het grootste Boeddhistische heiligdom ooit zou worden, de Mingun pagode. Ondanks 20.000 slaven lukte het koning Bodawpaya niet om vanaf 1790 deze pagode te voltooien. Dit had mede te maken met het feit dat een waarzegger de dood van de koning voorzag op het moment dat de pagode af zou zijn. Meerdere grote aardbevingen in 1839 zorgden voor grote breuklijnen in de structuur. De planning was dat de pagode 150 meter hoog zou worden.
Hsinbyume pagoda
Verderop zien we wel een voltooide pagode, prachtig wit met ronde vormen, de Hsinbyume pagoda.
De slaapplek van de ouderen
Gebed voor het eten
Een deel van de brillen die we meenamen
We bezoeken ook de “Buddhist Home for the Aged People”, een bejaardentehuis voor oudere mensen die geen familie meer hebben. Normaal worden de ouderen in Myanmar door hun familie verzorgd en dit huis werd in 1915 opgericht en was toen uniek voor Myanmar. Het huis is gesticht door een vrouw die in korte tijd beide ouders verloor en zag hoe oudjes zonder familie in erbarmelijke toestand leefden. Zij heeft toen besloten om haar volledige erfenis te gebruiken om dit tehuis op te richten. Inmiddels zijn er elf tehuizen van deze stichting. Het tehuis is hoofdzakelijk afhankelijk van donaties en de regering ondersteund het tehuis alleen met wat rijst. Er is één zuster die meer dan 80 bejaarden verzorgd. We komen tijdens etenstijd en alle bejaarden zitten in de grote eetzaal en bidden voordat ze aan de maaltijd beginnen.
Omdat we van te voren wisten dat er behoefte was voor spullen in dit tehuis (en ook in de afgelegen dorpen die we nog gaan bezoeken) heeft Jacqueline flink in haar kennissenkring en bij de Pearl in Geldrop zitten te ronselen en hebben we in totaal 36 leesbrillen kunnen meenemen naar Myanmar. Een groot deel hiervan hebben we aan dit tehuis geschonken.
U Bein brugZo kan het ook…
Amarapura, ten zuiden van Mandalay, was maar voor twee korte periodes tijdens de 18de en 19de eeuw een koningsstad en staat vooral bekend om de U Bein brug, gebouwd rond 1850 en waarschijnlijk de oudste en toen langste (1200 meter) teakhouten brug van de wereld over het Thaungtaman meer. De lokale bevolking maakt veel gebruik van de brug, maar rond zonsondergang wordt de brug overgenomen door de honderden Burmese en buitenlandse toeristen om een foto te maken van de brug bij zonsondergang. Voetje voor voetje schuifelen we over de brug, telkens weer wachtend op alle selfie makende dames en heren die schijnbaar aan één foto niet genoeg hebben, maar er 30 in alle standjes moeten maken. Het doet me denken aan de aan selfie verslaafde Chinezen. Ik hoop niet dat ze hier in Myanmar die kant ook opgaan, want dan verliest dit land een groot deel van zijn charme…
Vissers bij de U Bein brug
Maha Aungmye Bonzan klooster
In Ava (ook wel Inwa genoemd), ten zuiden van Amarapura, waren verschillende Burmese koninkrijken gevestigd tussen de 14de en 19de eeuw totdat de al genoemde aardbevingen in 1839 de stad met de grond gelijk maakte. Het mooie Maha Aungmye Bonzan (of ook Me Nu Brick) klooster werd in 1818 door koningin Nanmadaw Me Nu gebouwd.